Wat is longkanker?

Longkanker is een kwaadaardige aandoening die uitgaat van de longen en/of de luchtwegen.

Voorkomen van longkanker

Roken is in 85% van de gevallen de oorzaak van longkanker. Hoe meer, en hoe langer iemand gerookt heeft, des te groter is de kans op longkanker. Stoppen met roken is dus altijd belangrijk! Iedere sigaret die je rookt vergroot je kans op longkanker, dus iedere sigaret die je minder rookt, verlaagt je kans op longkanker.
Mensen die vaak in rokerige ruimtes verblijven, hebben een iets hogere kans op het krijgen van longkanker. Andere mensen met een verhoogd risico zijn mensen die in contact komen met stoffen als asbest, koolteer of arseen. Ongeveer 15% van de longkanker patiënten heeft nauwelijks of nooit gerookt.

Soorten longkanker

Longkanker wordt onderverdeeld in kleincellige en niet-kleincellige longkanker. Daarnaast bestaat er het mesothelioom, wat kanker van het long- of borstvlies is.
De niet-kleincellige vorm van longkanker - het woord zegt het al - wordt gekenmerkt door vrij grote cellen. De groeisnelheid van deze vormen is verschillend. Niet-kleincellige longkanker zaait relatief langzaam uit door het lichaam. Deze tumor is meestal al langere tijd in het lichaam gegroeid, voordat het wordt ontdekt. Tussen het ontstaan van de tumor en het tijdstip waarop deze wordt ontdekt, liggen soms vele jaren. In die periode kan de tumor al uitgezaaid zijn in het lichaam.

Ongeveer 20% van de gevallen van longkanker is kleincellig. Deze vorm van longkanker kenmerkt zich door hele kleine, kwetsbare cellen die zich bijzonder snel delen. Hierdoor kunnen zij zich razendsnel door het lichaam verspreiden. Vaak is kleincellige longkanker dan ook al uitgezaaid op het moment dat klachten ontstaan. De behandeling van kleincellig longkanker is anders dan bij niet-kleincellige longkanker. In de meeste gevallen zal er niet operatief worden ingegrepen, maar wordt er behandeld door middel van chemotherapie en radiotherapie (bestraling).

Mesothelioom, ook wel longvlieskanker of borstvlieskanker genoemd, is een specifieke kanker, vaak veroorzaakt door de inademing van asbest. Asbestvezels worden ingeademd en nestelen zich in de longvliezen. Daar prikkelen zij de bekledende cellen en veroorzaken dusdanige veranderingen, dat deze cellen in kwaadaardige tumorcellen veranderen.

Klachten /Symptomen

Longkanker geeft pas in een laat stadium klachten.
Veel voorkomende klachten: (kriebel)hoest, ophoesten van een spoortje bloed, kortademigheid, pijn op de borst, meer slijmvorming, heesheid zonder keelpijn, ontstekingen van de luchtwegen die ook met antibiotica niet overgaan.
Vaak gaat dit gepaard met een slechtere conditie. Dat kunt u merken aan: vermoeidheid, gewichtsverlies, slechte eetlust.

Welke diagnostische onderzoeken zijn in gebruikelijk bij longkanker?

Lichamelijk onderzoek, bloedonderzoek, röntgen(long)foto, CT-scan van de borst, PET-scan, bronchoscopie.

Om na te gaan of er sprake is van uitzaaiingen (als er aanleiding toe is);

  • CT-scan van verdachte plekken;
  • PET-scan van het gehele lichaam: spoort uitzaaiingen in het hele lichaam op;
  • Echografie van verdachte plekken: alleen in bepaalde gevallen, Longfunctie; Dit is vooral van belang als er voor u een behandeling gepland is waarbij een deel van de long verwijderd of bestraald gaat worden;
  • Botscan: Spoort uitzaaiingen in de botten op;
  • MRI-scan van verdachte plekken;
  • Endo-oesofageale echografie voor eventueel met punctie van lymfklieren;
  • Mediastinoscopie: kijkoperatie achter het borstbeen. Hierbij wordt een snede boven het borstbeen onderaan de hals gemaakt, waarna een kijker in de ruimte tussen de longen wordt ingebracht om de lymfklieren op uitzaaiingen te onderzoeken.

Welke behandelmethoden zijn gebruikelijk bij longkanker?

  • Als er geen sprake is van uitzaaiingen zal de tumor chirurgisch worden verwijderd. Voorwaarde is dat uw hart en longen voldoende reserve hebben, zodat na het verwijderen van (een deel van) een long uw bestaan leefbaar blijft. Nadat de tumor compleet is verwijderd wordt een nabehandeling gegeven met vier chemokuren;
  • Als de kanker beperkt is uitgezaaid (alleen in de klieren in de borstkas): chemotherapie in combinatie met radiotherapie of soms chirurgie;
  • Als de kanker is uitgezaaid: chemotherapie;
  • Als de kanker terugkeert: chemotherapie of radiotherapie om klachten tegen te gaan.

Soms geeft een combinatie van bovengenoemde behandelingen beter resultaat. De kans op bijwerkingen wordt hiermee ook groter.

De laatste jaren worden de longtumoren genetisch in kaart gebracht. Bij het ontdekken van specifieke mutaties in het DNA van de tumor is het mogelijk om een doelgerichte behandeling in te zetten. Het voordeel is dat dit minder bijwerkingen geeft, een betere kwaliteit-van-leven en een betere symptoombestrijding. Ook zal het langer duren voordat de tumor terugkomt in vergelijking met chemotherapie. Belangrijke mutaties zijn:

  1. EGFR mutatie waarvoor EGFR-TKIs beschikbaar zijn zoals erlotinib of gefitinib.
  2. KRAS mutaties waarvoor nog geen specifieke behandeling bestaat.
  3. EML4-ALK mutatie waarvoor crizotinib bestaat.

Daarnaast zijn er nog enkele andere mutaties bekend maar de behandelingen hiervoor zijn nog experimenteel.